• Herbert Hesters

Ilan Van Wilder kan zich testen in de Tour de l’Ain.

Terwijl half wielerminnend internet zichzelf voor de voeten loopt om toch maar als eerste op sociale media een mening te formuleren over het al dan niet arrogante zegegebaar van Remco Evenepoel, richten wij onze aandacht op een ander 20-jarig ronde talent, Ilan van Wilder.

In de Tour de l'Ain, net als Vuelta a Burgos normaliter een kleine en minder prestigieuze rittenkoers, staan volgende week -net als in Burgos- ook een pak kleppers aan de start. COVID-19 zorgde ervoor dat er sterk gesnoeid werd in de wielerkalender, en dus groeide het belang van deze wedstrijden exponentieel. Eén van de minder grote namen die er starten, is Ilan Van Wilder, een jonge Belg van Team Sunweb. Wie nog nooit van Van Wilder gehoord heeft en zichzelf een wielerliefhebber acht, mag zich nu even diep schamen...

Van Wilder werd in de meest prestigieuze koersen (EK tijdrijden, Giro della Lunigiana...) bij de junioren zo'n dozijn keer tweede achter een fenomeen uit Schepdaal. Hij zette op het WK tijdrijden bij de junioren een knappe 6de tijd neer, ondanks het feit dat de communicatie met de teamwagen niet werkte en hij geen kostbare informatie doorkreeg omtrent tussentijden en tijdsschema's. Toch achtte de UCI het nodig om hem ook nog een tijdsstraf op te leggen, omwille van het feit dat de bondscoach even met de wagen te dicht bij Van Wilder reed om hem dan maar wat informatie door het raam toe te roepen. Officieel werd Van Wilder 7de. Enkele dagen later zou hij op het WK op de weg, voor Evenepoel het gat met de vluchters dichtrijden. Evenepoel zou wereldkampioen worden, Van Wilder ging in de afdaling onderuit en moest opgeven.

Sommige vergelijkingen tussen Van Wilder en Evenepoel zijn frappant, andere geestig. Uiteraard is er de leeftijd. Beiden gaan goed bergop en zijn sterk tegen de klok. Ze hebben een gelijkaardige lichaamsbouw, ze zijn exact even groot en ook in gewicht ontlopen ze (altans in hun junior jaren) elkaar amper. Terwijl Evenepoel de overstap maakte vanuit het voetbal, deed Van Wilder dat vanuit het zwemmen. Hun vaders heten daarenboven allebei Patrick en beide jongemannen wonen ook nog eens op amper 15km van elkaar en zijn dus streekgenoten. Anderzijds lijkt de 4 maand jongere Van Wilder wat minder extravert en rustiger. Hij lijkt ook menselijk.

In zijn eerste jaar bij de U23 maakte Van Wilder opnieuw progressie en legde hij oudere renners het vuur aan de schenen. In alle grote rittenkoersen was hij de eerste van zijn geboortejaar. In de Vredeskoers werd hij 4de en won hij de koninginnenrit. In de rittenkoersen Ronde de l'Isard en Orlen Nations Cup werd hij respectievelijk 7de en 3de. Op het EK tijdrijden in Alkmaar, tegen kleppers als Leknessund, Bjerg, Price-Pejtersen en op een parcours dat absoluut niet op zijn maat was, vlak en winderig, werd hij 9de en opnieuw de jongste uit de top 10. De klap op de vuurpijl zou er komen met een 3de plek in de meest prestigieuze rittenkoers uit de U23, Tour de l'Avenir. Van Wilder, net 19, volgt op amper twee-en-een-halve minuut van de 3 jaar oudere Noorse winnaar Tobias Foss. Niet onbelangrijk, ook in zwaardere klassieke U23 koersen, zoals het WK, Liège Bastogne Liège en de Ronde van Vlaanderen haalde hij de top 20, getuigend van enige handigheid, hardheid en verbetenheid.

Het is moeilijk om uit te drukken wat het potentieel van deze jongen is, omdat telkens Evenepoel als referentie genomen wordt. Het wordt zoeken naar een passender, realistischer referentiepunt. Het probleem is dat er weinig andere kleine klassementsrenners zijn, die ook uitblinken in het tijdrijden.

Als we Evenepoel buiten beschouwing laten, zou snel blijken dat Van Wilder een absoluut toptalent is en de vergelijking kan doorstaan met de top van jonge ronderenners.

De curve die een jongen als Sivakov al enkele jaren volgt, lijkt wat dat betreft al realistischer, ook al blijft die vergelijking nog steeds "gezond ambitieus". Maar hoewel de Franse Rus ook goed is in het klimmen en tijdrijden, is hij ook een stuk groter, en kende hij eerder dit jaar al problemen met gewichtsverlies. Van Wilder daarentegen is al top in zijn leeftijdscategorie, en heeft in tegenstelling tot vele andere 20-23 jarigen die al erg met gewicht bezig zijn, nog heel wat marge. Op aanraden van zijn ploeg werd er nog niet te vroeg gefocust op het verliezen van gewicht en diëten. Van een goed ingelichte bron vernomen we eerder dit jaar dat zijn gewicht 63kg is. Voor een klimmer van 1m71 is dat zeker niet weinig en het toont aan dat deze jongen nog heel wat marge heeft ondanks zijn reeds hoge basisniveau, ook al kan het gezien zijn tijdritcapaciteiten niet de bedoeling zijn renners als David Gaudu (naar verluidt 53kg) te gaan imiteren. Of we binnen drie jaren kunnen terugblikken en zeggen dat de vergelijking met een renner als Sivakov gerechtvaardigd was moet uiteraard nog altijd blijken, maar de progressie die Van Wilder maakte en blijft maken, laat toch toe optimistisch te zijn. Ook op mentaal vlak lijkt het plaatje te kloppen. De jonge renner van Sunweb komt nuchter over, gefocust, ambitieus en zelfzeker.

Met het wegvallen van de Tour de l'Avenir, zijn hoofddoel in 2020, schiet er niet veel meer over voor Van Wilder. Eerder ontkende hij zijn eigen deelname aan de Vuelta, zoals bekend gemaakt in Nederlandse media. Van Wilder stond naar eigen zeggen slechts op de reservelijst. Maar komt er nu mogelijk toch een debuut in een grote ronde, vroeger dan verwacht? We kunnen er gezien de omstandigheden van uitgaan dat het belang van zijn deelname aan Tour de l'Ain in elk geval enkel maar toeneemt. Indien hij toch beslist het geweer van schouder te veranderen en een plaatsje probeert af te dwingen in de selectie voor de Spaanse rittenkoers, dan zal een sterke prestatie in de Tour de l'Ain zeker van pas komen. Indien de Vuelta geen doel wordt, zal hij zich zeker nog willen laten opmerken voor zijn seizoen afloopt. Mogelijk biedt de Giro voor U23 nog uitkomst, maar zover is daar nog niets over geweten. Hoe dan ook, de kans is reëel dat Ilan Van Wilder zijn beste beentje zal willen voorzetten deze week. Eerder dit jaar begon hij al sterk met een top 20 in het klassement van Volta ao Algarve. Een debuut dat andermaal grotendeels onopgemerkt voorbijging onder het geweld van winnaar Evenepoel. Dubbele pech zorgde ervoor dat hij in de koninginnenrit vroeger dan gepland de groep der favorieten moest laten gaan. Anders had zelfs een top 10 eindklassering niet onmogelijk geweest.

Evenepoel buiten beschouwing gelaten, heeft het er alles van weg dat Van Wilder het grootste Belgische rondetalent is van de laatste 20 jaren.

Tenzij Cian Uijtdebroeks daar nog een stokje voor zou steken.

Wie dus graag een koers volgt en ook interesse heeft in wat er allemaal speelt buiten de top 10, kan misschien nu en dan een kleine onbekende Sunweb renner tussen de grote jongens zien opduiken. Van Wilder kan er zich trouwens meten met enkele andere jonge klimtalenten uit de lage landen. Nederlands ploegmaat Thymen Arensman (1999) die tweede werd achter Pogačar in de Tour de l'Avenir 2018. De Belg Harm Vanhoucke (1997) die reeds 9de werd in de Tour de l'Avenir van 2016, maar nadien enkele jaren sukkelde met zijn gezondheid. En Mauri Vansevenant (1999), zoon van Wim Vansevenant, die zich de afgelopen jaren in de U23 ontpopte tot één van de betere klimmers, 6de en tweede Belg in de Tour de l'Avenir 2019 - enkele minuten achter Van Wilder. Jammer genoeg voor Van Wilder, zit er geen tijdrit in deze rittenkoers, waar hij zich ongetwijfeld had onderscheiden van zijn jonge concurrenten.

  • Facebookpagina
  • Instagram
  • Twitter

nieuwsbrief